Kortgeleden was ik jarig. Het regende en stormde natuurlijk en het werd niet warmer dan 13 graden. Zonder dat ik daar enige invloed op kan uitoefenen is dat de laatste jaren te doen gebruikelijk in Nederland.

Van vroegere verjaardagen herinner ik me ooms en tantes die vanuit Den Ilp, Bergen en Santpoort helemaal naar Hilversum kwamen gereden om míjn verjaardag in de tuin te vieren. Met door mijn moeder gebakken appeltaart, opgerolde koek, koffie met slagroom en het geborduurde keurige kleedje op de tuintafel. Verjaarspartijtjes met Jan-Huygen-in-de-ton en zakdoekje leggen op het grasveld. Toen leek altijd de zon te schijnen. Dat was traditie. Deze beelden zijn als waren het foto’s opgeborgen op de zolder van memoires.

Later, toen ik ‘groot’ was en zelf kinderen had, vertrokken we eenvoudigweg naar de Zuid-Franse zon. Verjaardag vieren op de camping, cadeautjes bij de tent en gebak van Maison Léone. Feest met vrienden en kinderen. Kinderen die met hun vriendjes de afgelopen dagen kunstwerken knutselden en met slingers en knipsels van vouwblaadjes de tent en de bomen versierden. Altijd dezelfde camping, altijd dezelfde plek, altijd dezelfde vriendjes. ’s Avonds met zijn allen pannenkoeken eten bij de Crêperie Bretonne aan de oude haven en een ijsje toe. Traditie voor ons allemaal.

Toen werd ik veertig en mijn vader tachtig. Pa twee keer zo oud als ik, voor allebei een kroonjaar. Pa’s verjaardag werd met de hele goegemeente uitgebreid gevierd, twee weken later was het mijn beurt om een tuinfeest te geven. Alle vrienden, oude en nieuwe collega’s en de hele boerenfamilie werden uitgenodigd. Ik zie mijn zus nog springen op de trampoline met de neefjes en nichtjes.

De tussenliggende jaren togen we gewoon naar Zuid-Frankrijk. Verjaardagen vierden we onderweg of op de camping, al naar gelang de schoolvakanties vroeg of midden vielen. Steeds het vijfde jaar viel de vakantie laat en kon mijn lustrumfeest in de tuin plaatsvinden. Een nieuwe traditie.

Mijn vijftigste verjaardag kreeg weer een tuinfeest. De paarse partytenten weer in de tuin opgezet, want buiten zag het er weinig goeds-belovend uit. Tegen de avond verdween het hele gezelschap naar binnen, het goot van de regen. Sindsdien is regen de traditie.

Twee jaar geleden kwam Thailand op ons pad. Het regende, uiteraard. Een vreemd eenzame verjaardag, zonder visite, zonder ontbijt op bed. Pas ’s middags barstte de stroom berichtjes via whatsapp en facebook los. Om toch een soort feestgevoel na te bootsen had Gijs een -kitscherig duur- bosje rozen meegenomen na zijn werk. Bloemen in een vaasje is typisch Hollands. Een beetje thuis, ver van huis in een limonadeglaasje. We aten bij Ali Baba in Pattaya, het betere Indiase restaurant. Het bleek de aanzet tot een nieuwe traditie te zijn.

Want Indiase restaurants hebben we in Nederland ook. En als je gewone verjaardag op een doordeweeksewerkdag valt, hoef je geen visite te verwachten. Zo ook dit jaar. Het eten bij Himalaya in Hoorn, gezellig met zijn tweeën, is verrukkelijk.

En volgend jaar? Dat zien we volgend jaar wel weer. Schijnt dan de zon? Tuinfeestje. Hoost het met bakken uit lucht? Lekker uit eten. On verra, we zullen wel zien. Tradities zijn er om af en toe te veranderen.