Het begon allemaal met een kleine aankondiging in de Kampioen van november 2019. De kop leek persoonlijk aan mij gericht.

‘Ben jij een reisschrijver?’

Schrijven, dat is het enige waarvan ik zeker denk te weten dat ik het kan. Maar wat is het nut? Bezigheidstherapie, goochelen met woorden en letters zoals een ander muziek maakt of met verf speelt, dat is toch alles? Misschien ook niet.

Tijdens het halve jaar in Thailand in 2018 kon ik als (reis)schrijver minimaal twee keer per week verslag doen van alles wat we daar beleefden. Het bezoek aan Angkor Wat in Cambodja spande de kroon, direct gevolgd door de minitrip naar Bangkok met de kinderen. Goed voor twee of drie blogs elk. Weer thuis in Nederland gaan mijn verhalen over uitstapjes, museum bezoek, fietstochten of toeren met de Dyane door mooi Nederland. Op vakantie in Frankrijk ga ik helemaal los.

Dus: ben ik een reisschrijver? So far ben ik vooral een liefhebber die op reis schrijft. Het zou een droom zijn er mijn beroep van te kunnen maken.

‘Het begon allemaal’ is een oude quote uit een opstel van zoonlief, destijds 13 jaar oud, in de brugklas van het Gymnasium.
Het begon allemaal toen ik weer eens van de trap af naar boven viel. Eenmaal naar boven gerold, keek ik uit het raam. Ik zei: “Kijk, het gaat regenen, want de mollen vliegen laag!” 

Zo voelde ik me ongeveer toen ik die betreffende Kampioen in mijn handen hield. De trap af naar boven vallen, laagvliegende mollen. Alles is mogelijk. Een nieuw jaar, een nieuw begin.

Half januari 2020 begin ik met de cursus Reisjournalistiek bij Fontys in Utrecht. Hoe het afloopt, lezen jullie vanzelf.